
Dit artikel in de Volkskrant gaat over de aantrekkingskracht van de marathon. 1 november lopen 50.000 mensen de marathon van New York. Ik heb ‘m ook glopen.
Waarom? Wat is de aantrekkingskracht? Het is niet de afstand zegt Ed Ceasar, de schrijver van het artikel, het is de metafoor.
De marathon staat voor allerlei andere moeilijke dingen in het leven. Marathon staat voor uitputting. En voor het uithoudingsvermogen om het onmogelijke dan toch te volbrengen. Een marathon lopen geeft betekenis. Je kunt iets wat eigenlijk niet kan zegt Ed.
Ik herken dit wel. Een marathon vraagt veel voorbereiding en volharding. Uitlopen geeft een geweldig gevoel. Ik heb er nu vier gelopen: Rotterdam, Groningen, New York en Berlijn. Elke keer denk je in de voorbereiding: dit is de finale. Maar toch, nu een maand na Berlijn kriebelt het al weer….
Ed zegt verder, dat je zelden hoort dat iemand heeft genoten van zijn laatste kilometers op de marathon. Op dat punt ben ik dan een uitzondering. Die laatste kilometers zijn juist geweldig. De belofte en nabijheid van de finish is een geweldig gevoel. De bestemming is van minder belang dan het streven.
